Waar je ook bent, in een gebouw, op een open erf óf op een terrein, het is altijd belangrijk dat er aan de brandveiligheid is gedacht. Maar wie is er per situatie eigenlijk verantwoordelijk? Is dit de eigenaar, de huurder, de gebruiker, de gemeente óf toch de brandweer? Voor elke situatie geldt weer iets anders en dat werkt verwarrend. Hier willen we voor eens en voor altijd een eind aan maken: wij praten je bij over brandveiligheid!

Brandveiligheid in een gebouw

In een gebouw is de brandveiligheid de gezamenlijke verantwoordelijkheid van de eigenaar en de huurder. Dit staat in de Woningwet, Artikel 1a. De eigenaar is verplicht dat de staat van het bouwwerk, open erf of terrein geen gevaar vormt voor de gezondheid of veiligheid van de gebruiker(s). Degene die het bouwwerk gebruiken zijn ook verantwoordelijk om zorg te dragen voor de brandveiligheid voor zover het in hun vermogen ligt. Brandveiligheid wordt getoetst aan de hand van de volgende zaken:

  • Bouwkundige voorzieningen (bijvoorbeeld deurconstructies, brandscheidingen)
  • Installatietechnische voorzieningen (bijvoorbeeld blusmiddelen en vluchtrouteaanduiding)
  • Organisatorische maatregelen (vluchtwegen, nooduitgangen)

Welke rol heeft de brandweer of gemeente op het gebied van brandveiligheid?

De gemeente moet erop toezien dat de eisen die er door wet- en regelgeving zijn, worden toegepast in en rondom gebouwen, maar de eigenaar of gebruiker is áltijd eindverantwoordelijk. De brandweer treedt slechts op als raadgever van de gemeente, maar heeft geen gezag. Wanneer er een nieuw gebouw wordt gebouwd of tijdens het gebruik van een bestaand gebouw, zal daarom de gemeente als bevoegd gezag en de brandweer als adviseur optreden. De gemeente kijkt dan specifiek naar de wettelijke regels op het gebied van toezicht en handhaving en maakt de beslissingen. De taak van de gemeente als bevoegd gezag ligt vast in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo).

Nieuwe gebouwen

Nieuwe gebouwen moeten aan de brandveiligheidseisen voldoen die in het Bouwbesluit zijn opgenomen. Voordat er gebouwd gaat worden, moet de gebouweigenaar een omgevingsvergunning aanvragen bij het bevoegd gezag. Meestal is dit de gemeente, tenzij bijzondere milieuactiviteiten een rol spelen. Wordt er een nieuw gebouw in gebruik genomen en ingezet voor andere doeleinden? Dan moet de gebruiker zelf beslissen of het aanvragen van een vergunning voor brandveiligheid noodzakelijk is, of slechts een gebruiksmelding volstaat. Door deze regels worden de risico’s op brand zo minimaal mogelijk gehouden.

Rekening houden met de gevolgen

Is jouw gebouw helemaal brandveilig verklaard? Bedenk dan dat de gestelde eisen volgens het Bouwbesluit en de gemeente zijn gericht op personen. Het is belangrijk om ook na te denken over de gevolgen bij eventuele brandschade. Denk bijvoorbeeld aan schade aan de inventaris, imagoschade of bedrijfscontinuïteit.